KG:003:2026:4 Negatief loon en aanmerkelijk belang
Publicatiedatum 09-04-2026, 16:30 | Laatste update 09-04-2026, 16:30 |
Aanleiding
X heeft als onderdeel van een aandelenparticipatieplan van zijn werkgever aandelen om niet verworven in Z BV. De waarde in het economisch verkeer van deze aandelen bedraagt € 1.000.000. Dit bedrag is door X als loon in box 1 in aanmerking genomen. Het aandelenpakket vormt voor X een aanmerkelijk belang met een verkrijgingsprijs van € 1.000.000.
Na enkele jaren wordt X op grond van een contractuele verplichting als “bad leaver” aangemerkt en is hij verplicht het aandelenpakket om niet terug te leveren aan zijn werkgever. De waarde in het economisch verkeer van de aandelen bedraagt op dat moment € 5.000.000. X neemt het bedrag van € 5.000.000 als negatief loon in box 1 in aanmerking.
Vraag
Leidt het terugleveren van de aandelen door X tot een vervreemdingsvoordeel als bedoeld in artikel 4.12, onderdeel b, van de Wet inkomstenbelasting 2001 (hierna: Wet IB 2001)?
Antwoord
Ja, het terugleveren van de aandelen leidt tot een vervreemdingsvoordeel voor X. Op grond van artikel 4.20 Wet IB 2001 bedraagt de overdrachtsprijs van de aandelen € 5.000.000. De verkrijgingsprijs bedraagt € 1.000.000, zodat het vervreemdingsvoordeel € 4.000.000 bedraagt.
Beschouwing
Op grond van artikel 4.12, onderdeel b, Wet IB 2001 is sprake van een vervreemding. Vervreemdingsvoordelen worden op grond van artikel 4.19, eerste lid, Wet IB 2001 gesteld op de overdrachtsprijs verminderd met de verkrijgingsprijs. Op grond van artikel 4.20 Wet IB 2001 wordt de overdrachtsprijs vastgesteld op de tegenprestatie bij vervreemding, verminderd met de ten laste van de vervreemder komende kosten.
Omdat X kwalificeert als “bad leaver” krijgt X een verplichting jegens zijn werkgever om de van zijn werkgever verkregen aandelen in Z BV terug te leveren. De in artikel 4.20 Wet IB 2001 genoemde ‘tegenprestatie bij vervreemding’ bestaat uit het terugleveren van deze aandelen. De waarde in het economisch verkeer van deze aandelen bedraagt op het vervreemdingsmoment € 5.000.000. Dit bedrag wordt aangemerkt als de overdrachtsprijs. De verkrijgingsprijs bedraagt
€ 1.000.000. Het vervreemdingsvoordeel bedraagt daarom € 4.000.000.