Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de filters Ga direct naar de footer

KG:211:2026:7 Ontario General Partnership

Aanleiding

De kwalificatie vindt plaats in verband met de belastingheffing ten aanzien van een naar het recht van de Canadese provincie Ontario aangegane General Partnership (hierna: Ontario GP).

Vraag

Met welke Nederlandse rechtsvorm is een Ontario GP vergelijkbaar voor de toepassing van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (hierna: Wet Vpb 1969), de Wet inkomstenbelasting 2001 (hierna: Wet IB 2001), de Wet op de dividendbelasting 1965 (hierna: Wet DB 1965) en de Wet bronbelasting 2021 (hierna: Wet BB 2021)?

Antwoord

Een Ontario GP is voor de toepassing van de Wet Vpb 1969, de Wet IB 2001, de Wet DB 1965 en de Wet BB 2021 vergelijkbaar met een Nederlandse maatschap en vennootschap onder firma.

Beschouwing

Bij deze kwalificatie kon worden beschikt over:

Algemeen

Via de Wet fiscaal kwalificatiebeleid rechtsvormen is per 1 januari 2025 de rechtsvormvergelijkingsmethode gecodificeerd als wettelijke methode voor de fiscale kwalificatie van buitenlandse rechtsvormen, waardoor buitenlandse rechtsvormen worden vergeleken met Nederlandse rechtsvormen. Het Besluit VBR geeft uitvoering aan de in artikelen 1.11 en 2.14bis van de Wet IB 2001, artikel 1a van de Wet Vpb 1969, artikel 1 van de Wet DB 1965 en artikel 1.2 van de Wet BB 2021 opgenomen rechtsvormvergelijkingsmethode.

In het Besluit VBR worden regels gesteld aan de hand waarvan wordt bepaald of een naar buitenlands recht opgericht of aangegaan lichaam een met een Nederlandse rechtsvorm vergelijkbare rechtsvorm heeft en, als dat het geval is, met welke Nederlandse rechtsvorm het buitenlandse lichaam dan vergelijkbaar is. De groep van Nederlandse rechtsvormen bestaat enerzijds uit de – in de meeste gevallen in Boek 2 van het BW Nederland benoemde – rechtsvormen die voor Nederlandse fiscale doeleinden als zelfstandig belastingplichtig worden aangemerkt (hierna ook: de BW-rechtsvormen) en anderzijds uit de Nederlandse personenvennootschappen (de vennootschap onder firma, de maatschap en de commanditaire vennootschap), die voor Nederlandse fiscale doeleinden in de regel als transparant worden aangemerkt (zodat de achterliggende participanten in de heffing worden betrokken).

De BW-rechtsvormen hebben gemeen dat zij op basis van het BW Nederland rechtspersoon zijn. Daarnaast geldt dat de BW-rechtsvormen, op de bijzondere rechtsvormen van het kerkgenootschap, de informele vereniging en de Nederlandse publiekrechtelijke rechtspersoon na, worden opgericht bij notariële akte. Hoewel de BW-rechtsvormen een aantal kenmerken delen, kennen zij ook veel verschillen.

Voor een personenvennootschap geldt dat in het algemeen sprake is van een overeenkomst tot samenwerking ter uitoefening van een beroep of bedrijf met inbreng door ieder van de participanten met het oogmerk voordeel te behalen en dit met elkaar te delen. Personenvennootschappen hebben civielrechtelijk geen in aandelen verdeeld kapitaal en de (niet-commanditaire) vennoten zijn verbonden voor verbintenissen van de vennootschap jegens derden.

Het antwoord op de vraag of een buitenlandse rechtsvorm vergelijkbaar is met een Nederlandse rechtsvorm wordt in beginsel bepaald aan de hand van de toets of de buitenlandse rechtsvorm naar aard en inrichting vergelijkbaar is met een Nederlandse rechtsvorm.

Om de aard van een buitenlandse rechtsvorm vast te stellen dient aan de hand van het buitenlandse recht geanalyseerd te worden welke plaats de betreffende rechtsvorm in het buitenlandse recht inneemt en welke bedoeling de buitenlandse wet- of regelgever heeft gehad met die rechtsvorm. Bij deze analyse komt onder andere belang toe aan de keuze van de buitenlandse wet- of regelgever om de betreffende rechtsvorm als contractueel samenwerkingsverband (zoals de Nederlandse personenvennootschap) vorm te geven, of bijvoorbeeld als een kapitaalvennootschap (zoals de Nederlandse nv en Nederlandse bv).

De inrichting van een buitenlandse rechtsvorm heeft betrekking op de meer concrete regels die zijn gegeven voor die rechtsvorm in het buitenlandse recht. De inrichting van de Nederlandse rechtsvormen bestaat voor een belangrijk deel uit de wezenlijke kenmerken van verschillende rechtsvormen die per Nederlandse rechtsvorm zijn benoemd in afdeling 2 van hoofdstuk II van het Besluit VBR.

Toepassing van het toetsingskader op een Ontario GP

De aard van een Ontario GP

Canada kent onder meer corporations en partnerships als rechtsvormen waarbinnen een onderneming kan worden gedreven. Een corporation is een rechtspersoon en kan worden opgericht naar het federale recht van Canada (Canada Business Corporations Act) of naar het recht van een van de provincies of territoria (voor Ontario: Corporations Act, R.S.O. 1990, c. C.38).

Canada kent geen federale wetgeving die (het vormen van) partnerships regelt. In plaats daarvan worden partnerships enkel beheerst door provinciale en territoriale wetgeving. Volgens de provinciale wetgeving kent Ontario drie typen partnerships: general partnerships (Partnership Act), limited partnerships Limited Partnership Act) en limited liability partnerships (Partnership Act).

Een Ontario GP kan worden aangegaan door twee of meer personen die binnen een onderneming willen samenwerken en de winst willen delen. Een Ontario GP heeft geen rechtspersoonlijkheid. In een general partnership zijn de general partners persoonlijk aansprakelijk voor alle schulden van de onderneming van het partnership. Of er sprake is van een partnership hangt onder meer af van de bedoeling van de partijen. Er is geen formele documentatie vereist om een general partnership tot stand te brengen, maar een ‘partnership agreement’ wordt wel aangeraden. Alle partnerships moeten zich registreren in de provincie waarin zij zijn opgericht.

In Ontario wordt de general partnership geschaard onder de vennootschappen met hoofdelijk aansprakelijke vennoten die, al dan niet schriftelijk, onderhands kunnen worden opgericht. De Ontario GP zal daarom naar zijn aard niet vergelijkbaar zijn met een van de Nederlandse rechtsvormen uit boek 2 van het BW, maar met de personenvennootschappen in Nederland.

De inrichting van een Ontario GP

Zoals hiervoor onder Algemeen aangegeven bestaat de inrichting van de Nederlandse rechtsvormen voor een belangrijk deel uit de wezenlijke kenmerken zoals opgenomen in afdeling 2 van hoofdstuk II van het Besluit VBR.

Op basis van de aard van een Ontario GP wordt vergelijking gezocht binnen de Nederlandse personenvennootschappen. Vanwege de hiervoor omschreven aard van een Ontario GP zal hieronder, op basis van de inrichting van deze rechtsvorm, worden beoordeeld of sprake is van vergelijkbaarheid met de Nederlandse maatschap en vennootschap onder firma.

De vergelijking wordt gemaakt aan de hand van de wezenlijke kenmerken van de Nederlandse maatschap en vennootschap onder firma zoals die zijn opgenomen in artikel 10 van het Besluit VBR.

  1. De maatschap en vennootschap onder firma hebben op grond van civiele wet- en regelgeving geen in aandelen verdeeld kapitaal
    • De Ontario GP heeft geen in aandelen verdeeld kapitaal. Uit de bepalingen in de OPA onder ‘Relation of Partners to One Another’ (vanaf section 20) volgt dat de partners een rechtstreeks belang (‘interest’) hebben in de vermogensbestanddelen van de Ontario GP. De participanten zijn ingevolge section 21 gezamenlijk eigenaar van de vermogensbestanddelen van de Ontario GP.
  2. De maatschap of de vennootschap wordt aangegaan ter uitoefening van een beroep onderscheidenlijk bedrijf, met inbreng door ieder van de maten, onderscheidenlijk vennoten, met het oogmerk voordeel te behalen en met elkaar te delen
    • Dit is bij een Ontario GP het geval. Ingevolge section 2 OPA is een Ontario GP “(…) the relation that subsists between persons carrying on a business in common with a view to profit (…)”.
  3. De maatschap of de vennootschap onder firma kent ten minste twee maten, onderscheidenlijk vennoten
    • Dat een Ontario GP bestaat uit ten minste twee partners volgt eveneens uit section 2 OPA. Er wordt hier namelijk gesproken over ‘persons’, meervoud.
  4. De maten of vennoten delen in het resultaat van de maatschap, onderscheidenlijk vennootschap onder firma
    • De partners in een Ontario GP delen in gelijke delen in het resultaat van de GP. Dit volgt uit section 24 OPA (aanhef en onder subsection 1):
      “(…) All the partners are entitled to share equally in the capital and profits of the business, and must contribute equally towards the losses, whether of capital or otherwise, sustained by the firm (…).”
  5. Alle maten, onderscheidenlijk vennoten, zijn voor een gelijk deel dan wel onbeperkt aansprakelijk tegenover derden voor de schulden en andere verplichtingen van de maatschap, onderscheidenlijk vennootschap onder firma
    • Section 10, subsection 1 OPA bepaalt: “Except as provided in subsection (2), every partner in a firm is liable jointly with the other partners for all debts and obligations of the firm incurred while the person is a partner (…).” De participanten zijn dus gezamenlijk en onbeperkt aansprakelijk.
  6. De maatschap en de vennootschap onder firma kennen in beginsel geen bestuursorgaan
    • De Ontario GP wordt bestuurd door de partners. Dit volgt uit section 24, subsection 5 OPA: “Every partner may take part in the management of the partnership business.” De Ontario GP kent geen apart bestuursorgaan.
  7. Vertegenwoordiging vindt, al dan niet in gezamenlijkheid, plaats door de maten, onderscheidenlijk vennoten
    • Uit section 24, subsection 5 OPA volgt reeds dat iedere partner deel kan uitmaken van het bestuur van de Ontario GP. Verder volgt uit section 6 OPA dat elke partner de partnership kan vertegenwoordigen en binden: “Every partner is an agent of the firm and of the other partners for the purpose of the business of the partnership, and the acts of every partner who does any act for carrying on in the usual way business of the kind carried on by the firm of which he or she is a member, bind the firm and the other partners unless the partner so acting has in fact no authority to act for the firm in the particular matter and the person with whom the partner is dealing either knows that the partner has no authority, or does not know or believe him or her to be a partner.“

Op basis van vorenstaande kan worden geconcludeerd dat de Ontario GP vergelijkbaar is met de Nederlandse maatschap en vennootschap onder firma. Aangezien de kenmerken van de Ontario GP overeenkomen met alle wezenlijke kenmerken van de Nederlandse maatschap en vennootschap onder firma, zoals opgenomen in het Besluit VBR, kan geen sprake zijn van vergelijkbaarheid met enige andere Nederlandse rechtsvorm.

Conclusie

De Ontario GP is, voor de toepassing van de Wet Vpb 1969, de Wet IB 2001, de Wet DB 1965 en de Wet BB 2021, vergelijkbaar met de Nederlandse maatschap en vennootschap onder firma. Zij is niet vergelijkbaar met een andere Nederlandse rechtsvorm.

Deel deze pagina