Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de filters Ga direct naar de footer

KG:911:2026:4 Beëindigde bedrijfsactiviteiten

Aanleiding

Een multinationale groep, waarvan de geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van US GAAP, heeft besloten een entiteit te verzelfstandigen en rapporteert om die reden het resultaat van deze entiteit in de financiële verslaggeving over 2024 als ‘earnings (loss) from discontinued operations, net of taxes’ (hierna: discontinued operations). De opbrengsten en kosten van deze entiteit zijn in 2024 zodoende niet integraal geconsolideerd (‘post-voor-post’), maar alleen het saldo is als nettoresultaat separaat (‘enkele post’) opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening.

De entiteit is gedurende het verslagjaar (2024) op geen enkel moment (ook) gehouden ter verkoop. Er is in dit geval verder ook geen sprake van een entiteit die enkel op grond van haar beperkte omvang of materialiteit niet in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen is en om die reden onderdeel vormt van een groep, zoals bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, van de Wet minimumbelasting 2024 (hierna: WMB 2024).

De vraag dient zich aan of onder deze omstandigheden de entiteit, waarvan het resultaat niet integraal (‘post-voor-post’) is geconsolideerd maar is verantwoord als discontinued operations, moet worden aangemerkt als een groepsentiteit voor de toepassing van de WMB 2024.

Vraag

Kwalificeert een entiteit die in een verslagjaar niet ter verkoop wordt gehouden als een groepsentiteit als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, WMB 2024, wanneer de activiteiten van die entiteit in dat verslagjaar op basis van US GAAP worden aangemerkt als discontinued operations?

Antwoord

Nee. Een entiteit die niet ter verkoop wordt aangehouden en waarvan het resultaat onder US GAAP in de geconsolideerde jaarrekening van een verslagjaar wordt verantwoord als resultaten uit discontinued operations, kwalificeert in dat verslagjaar niet als een groepsentiteit in de zin van artikel 1.2, eerste lid, WMB 2024. Een dergelijke entiteit kan, voor de toepassing van de WMB 2024, niet worden aangemerkt als, respectievelijk gelijkgesteld worden met een entiteit die ter verkoop wordt aangehouden, zoals bedoeld in de definitie van het begrip ‘groep’ in artikel 1.2, eerste lid, WMB 2024.

Beschouwing

Juridisch kader

Artikel 1.2, eerste lid, WMB 2024 luidt (voor zover hier relevant):

Definitie begrip groepsentiteit

"een entiteit die onderdeel is van een multinationale groep of binnenlandse groep"

Definitie begrip groep

“een geheel van entiteiten die met elkaar verbonden zijn door eigendom of zeggenschap zoals omschreven in de geaccepteerde of geautoriseerde financiële verslaggevingsstandaard voor de opstelling van een geconsolideerde jaarrekening door de uiteindelijkemoederentiteit, inclusief iedere entiteit die enkel op grond van haar beperkte omvang, op grond van materialiteit, of op grond van het feit dat zij ter verkoop wordt gehouden, niet is opgenomen in die geconsolideerde jaarrekening; of”

De memorie van toelichting (Kamerstukken II 2022/23, 36369, nr. 3, p. 77) luidt (voor zover hier relevant):

“Onderdeel a van genoemde definitie van «groep» bepaalt dat een verzameling entiteiten slechts als een groep wordt aangemerkt bij een zekere mate van gelieerdheid. Daarvoor dient een geheel van entiteiten met elkaar verbonden te zijn door eigendom of zeggenschap zoals omschreven in de geaccepteerde of geautoriseerde financiële verslaggevingsstandaard voor de opstelling van een geconsolideerde jaarrekening door de uiteindelijkemoederentiteit. Ook entiteiten waarover de uiteindelijkemoederentiteit controle heeft maar die enkel op grond van de beperkte omvang, op grond van materialiteit, of op grond van het feit dat zij ter verkoop worden gehouden, niet opgenomen zijn in de geconsolideerde jaarrekening van de uiteindelijkemoederentiteit worden tot eenzelfde groep gerekend.”

Artikel 1.2.2 van de OESO-modelregels luidt:

“A Group means a collection of Entities that are related through ownership or control such that the assets, liabilities, income, expenses and cash flows of those Entities:

(a) are included in the Consolidated Financial Statements of the Ultimate Parent Entity; or
(b) are excluded from the Consolidated Financial Statements of the Ultimate Parent Entity solely on size or materiality grounds, or on the grounds that the Entity is held for sale.”

Het OESO-commentaar bij artikel 1.2.2 van de OESO-modelregels luidt als volgt, voor zover hier relevant:

“21. Article 1.2.2 defines a Group based on an accounting consolidation test. A Group is comprised of Entities (including arrangements such as partnerships or trusts that prepare separate financial accounts) that are related through ownership or control and meet either of the requirements set out in paragraph (a) or (b) of Article 1.2.2. This definition is used for purposes of defining a Constituent Entity in Article 1.3.

(…)

24. Paragraph (b) states that a Group is also comprised of Entities that are not consolidated on a line-by-line basis because they are subject to a special reporting treatment under an Acceptable Financial Accounting Standard on the grounds that the Entity is held for sale, or is excluded from consolidation based on size or materiality grounds. This type of Entity is also treated as part of the Group as long as it remains sufficiently within the control of the UPE to fall within the general consolidation requirements of the relevant Acceptable Financial Accounting Standard.”

Artikel 1.2, eerste lid, WMB 2024 luidt (voor zover hier relevant):

Definitie begrip geconsolideerde jaarrekening

“voor een groep als bedoeld in onderdeel a van de definitie van groep: de jaarrekening die is opgesteld door een entiteit in overeenstemming met de geaccepteerde financiële verslaggevingsstandaard, waarin de activa, passiva, inkomsten, uitgaven en kasstromen van die entiteit en alle entiteiten waarin zij een controlerend belang heeft, zijn weergegeven als die van een enkele economische eenheid;”

US GAAP, ASC 205-20, voor zover hier relevant, luidt:

205-20-45-1B

“A disposal of a component of an entity or a group of components of an entity shall be reported in discontinued operations if the disposal represents a strategic shift that has (or will have) a major effect on an entity's operations and financial results when any of the following occurs:
a. The component of an entity or group of components of an entity meets the criteria in paragraph 205-20-45-1E to be classified as held for sale.
b. The component of an entity or group of components of an entity is disposed of by sale.
c. The component of an entity or group of components of an entity is disposed of other than by sale in accordance with paragraph 360-10-45-15 (for example, by abandonment or in a distribution to owners in a spinoff).”

205-20-45-3A

“The results of all discontinued operations, less applicable income taxes (benefit), shall be reported as a separate component of income.”

Analyse

Groepsafbakening

Onder de naam minimumbelasting wordt van in Nederland gevestigde groepsentiteiten als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, WMB 2024, belasting geheven. De vraag die voorligt, is of een entiteit waarvan de activiteiten onder US GAAP zijn aangemerkt als discontinued operations en die gedurende het verslagjaar niet is gehouden ter verkoop, dient te worden aangemerkt als een groepsentiteit als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, WMB 2024.Deze vraag wordt toegespitst op de vraag of een entiteit waarvan de activiteiten onder US GAAP zijn aangemerkt als discontinued operations moet worden aangemerkt als c.q. gelijkgesteld met een entiteit die ter verkoop wordt gehouden als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, WMB 2024.

Wetsgeschiedenis en commentaar bij de OESO-modelregels

De hiervoor aangehaalde wettekst en wetsgeschiedenis geven geen nadere uitleg over entiteiten waarvan de activiteiten zijn aangemerkt als discontinued operations en die gedurende het verslagjaar niet (ook) zijn gehouden ter verkoop. Ook de Pijler 2-richtlijn (inclusief preambule) geeft geen nadere toelichting of handvatten voor uitleg.

Uit paragraaf 24 van het hiervoor geciteerde OESO-commentaar bij artikel 1.2.2 van de OESO-modelregels kan worden opgemaakt dat tot de groep ook entiteiten behoren die niet zijn meegeconsolideerd omdat ten aanzien van deze bijzondere verslaggevingsregels van toepassing zijn op grond van het feit dat een entiteit ter verkoop wordt gehouden of vanwege de beperkte omvang of materialiteit. Een dergelijke entiteit wordt eveneens tot de groep gerekend voor zover de uiteindelijkemoederentiteit voldoende invloed (‘control’) over haar blijft behouden teneinde te voldoen aan de consolidatievereisten onder de relevante geaccepteerde financiële verslaggevingsstandaard.

Op basis van de letterlijke tekst van artikel 1.2, eerste lid, WMB 2024 worden in dit kader ter verkoop gehouden entiteiten als onderdeel van de groep beschouwd. In de onderhavige casus is wel sprake van een bijzondere verslaggevingsregel, maar niet van een ter verkoop gehouden entiteit.

Aangezien wettekst, wetsgeschiedenis en het OESO-commentaar bij de OESO-modelregels geen (eenduidig) antwoord geven in het onderhavige geval, wordt in beginsel aangesloten bij behandeling in de geconsolideerde jaarrekening en de financiële verslaggevingsregels op basis waarvan deze is opgesteld.

Uit het hiervoor opgenomen overzicht (US GAAP (ASC 205-20-45-1B) kan worden opgemaakt dat, althans onder US GAAP, het begrip discontinued operations een overkoepelend begrip is dat in feite bestaat uit drie varianten waarbij een verzelfstandiging onder variant c valt, terwijl ter verkoop gehouden entiteiten onder variant a of b vallen. In die omstandigheden kan een entiteit waarvan de activiteiten vanwege een verzelfstandiging als discontinued operations zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening niet gelijk worden gesteld met een entiteit die ter verkoop wordt gehouden en die als zodanig in de geconsolideerde jaarrekening is gerapporteerd.

Antwoord

Een entiteit waarvan de activiteiten als discontinued operations worden aangemerkt, en die gedurende het verslagjaar niet (ook) ter verkoop wordt aangehouden, kan niet worden aangemerkt als respectievelijk worden
gelijkgesteld met een groepsentiteit als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, WMB 2024.

Deel deze pagina